Alle briefings

De zaak runnenRegelgeving

Jaarrekening boekjaar 2025: de tarieftoeslag start op 1 september

Vennootschappen met afsluiting op 31 december 2025 moesten hun jaarrekening uiterlijk op 31 juli 2026 neerleggen. Vanaf 1 september rekent de Nationale Bank bovenop het neerleggingstarief een toeslag aan — € 151 of € 504 naargelang het model dat u neerlegt, met twee verhogingen daarna. Wat telt, is de datum van neerlegging.

Door Artem Kuznetsov, oprichter

Gepubliceerd
Geverifieerd

Geschreven op 23 augustus 2026

De deadlines in deze briefing zijn voorbij. Ze legt de regels en data vast zoals ze die dag stonden en is sindsdien niet herzien. Ga de huidige stand na voor u ernaar handelt.

Lees als

Wat telde op 23 augustus 2026

Nu van kracht
In gebreke sinds 1 augustus 2026 — de neerleggingstermijn liep tot 31 juli
Volgende wijziging
1 sep 2026 — toeslag start op € 151 / € 504; 1 okt — € 227 / € 755
Grootste impact
De schijf volgt het effectief neergelegde model: verkort of micro versus volledig
Actie vandaag
Neerleggen vóór middernacht op 31 augustus — de datum van neerlegging telt

Bronnen

  1. 01NBB — Balanscentrale, tarieven neerlegging 2026
  2. 02Art. 3:13 Wetboek van vennootschappen en verenigingen
  3. 03Art. 2:74 WVV — gerechtelijke ontbinding
  4. 04FOD Economie — neerlegging van de jaarrekening

Uw jaarrekening 2025 moest op 31 juli neergelegd zijn. Vanaf 1 september krijgt te laat zijn een prijslijst — en de prijs hangt af van het schema waarin de jaarrekening wordt neergelegd.

Begin met de rechtzetting, want de datum in de titel is niet de deadline.

Sloot uw vennootschap het boekjaar af op 31 december 2025, dan moest de jaarrekening binnen zes maanden door de algemene vergadering goedgekeurd zijn, en binnen zeven maanden bij de Nationale Bank neergelegd: 31 juli 2026. Die datum is voorbij. Is er niets neergelegd, dan is de vennootschap al drie weken in gebreke.

Wat op 1 september aankomt, is de rekening daarvoor.


Wat het kost, naargelang de dag van neerlegging

De Nationale Bank rekent bovenop het gewone neerleggingstarief een toeslag aan voor jaarrekeningen die vanaf 1 september worden neergelegd, en die toeslag gaat nadien nog tweemaal omhoog.

U legt neerVerkorte of micro-jaarrekeningVolledige jaarrekening
Uiterlijk 31 augustus 2026niets extraniets extra
In september 2026€ 151€ 504
Oktober tot december 2026€ 227€ 755
In 2027€ 453€ 1.510

Twee dingen om uit die tabel te lezen.

Het springt, het loopt niet op. Neerleggen op 1 oktober in plaats van 30 september kost € 76 meer in het kleine schema en € 251 meer in het volledige, voor één dag verschil. Tussen de sprongen kost een week niets.

In welke kolom u belandt, hangt af van het schema — niet van hoe klein u bent. Kleine vennootschappen leggen doorgaans een verkorte of micro-jaarrekening neer. Sommige leggen toch het volledige schema neer, omdat een bank erom vroeg of omdat een moedervennootschap zo rapporteert. Is dat bij u het geval, dan is de septemberprijs € 504 en niet € 151. Dat is één vraag aan uw boekhouder waard, vóór al de rest.

Wat telt, is de dag waarop het vertrekt

De toeslag hangt vast aan het moment van neerlegging, niet aan het moment waarop het tarief betaald of verwerkt wordt. Een jaarrekening die op 31 augustus wordt ingediend, valt erbuiten, ook als de Nationale Bank het tarief pas in september afhoudt. Een indiening kort na middernacht valt eronder.

Is uw jaarrekening goedgekeurd, of kan ze deze week goedgekeurd worden, dan is de hele beslissing een kwestie van planning: raakt de neerlegging binnen vóór het einde van de maand, dan is de toeslag gewoon nul. Bij een verkorte of micro-jaarrekening bespaart u daarmee meer dan de neerlegging zelf kost.

Twee verplichtingen, en slechts één ervan stuurt een factuur

Dit is het deel dat door elkaar loopt, en de dure helft is de stille.

De algemene vergadering houden — de jaarrekening goedkeuren, de beslissing notuleren, kwijting verlenen aan de bestuurders — moest binnen zes maanden na afsluiting gebeuren. De jaarrekening neerleggen is een aparte handeling, daarna, bij de Nationale Bank.

Alleen de neerlegging levert een ontvangstbewijs en een factuur op. De vergadering levert niets op dan een stuk in uw eigen dossier, en precies daarom wordt ze overgeslagen. Overslaan is geen administratieve kost — het is een vennootschapsrechtelijk gebrek dat persoonlijk bij de bestuurders zit, en geen enkele toeslag zet dat recht. Is de vergadering niet doorgegaan, dan herstelt neerleggen dat niet; het maakt het verzuim alleen netter.

Waar het in overgaat als het blijft schuiven

De toeslag is het beleefde gevolg. Daarachter staan:

  • Een afzonderlijke fiscale boete, van € 25 tot € 250 per verstreken maand vertraging. Die komt bovenop het tarief van de Nationale Bank, niet in de plaats ervan.
  • Persoonlijke blootstelling voor bestuurders. Lijdt een derde — een leverancier, een kredietgever, een klant — schade, dan wordt vermoed dat die schade voortvloeit uit de ontbrekende neerlegging. De bestuurder moet het tegendeel bewijzen. Dat vermoeden is de reden waarom "we doen het als het rustiger wordt" een slecht plan is voor wie tekent.
  • Ontbinding. Na drie opeenvolgende jaren zonder neergelegde jaarrekening kan elke belanghebbende de ondernemingsrechtbank vragen de vennootschap te ontbinden. Een concurrent kan dat. Een schuldeiser kan dat. Alles wat openstaat neerleggen vóór de rechtbank uitspraak doet, is een volledig antwoord daarop — de oplossing blijft dus, zelfs in dat stadium, gewoon: neerleggen.

Er is één klep: terugbetaling van de toeslag kan gevraagd worden op grond van overmacht. Dat wordt op de feiten beoordeeld, en "het was druk" hoort daar niet bij.

Wat u deze week vraagt

  1. "Raken we nog neergelegd vóór 31 augustus?" Zo ja, dan is dat het hele gesprek — de rest is planning.
  2. "Welk schema leggen we neer, en moet dat dit schema zijn?" Het antwoord is € 353 waard in september, en meer dan duizend euro vanaf januari.
  3. "Is de algemene vergadering gehouden en genotuleerd?" Blijft dat antwoord vaag, behandel het dan los van de neerlegging.
  4. "Leggen we gestructureerd neer of als pdf?" De gestructureerde weg kost ongeveer € 70 minder, elk jaar, in elk schema. Het is de enige lijn hier die geld oplevert ook wanneer er niets te laat is.

Wat na dit jaar echt de moeite is om te veranderen

De jaarrekening is bijna altijd om een saaie reden laat: het onderliggende boekjaar was niet leesbaar tot iemand er in juni voor ging zitten om het leesbaar te maken. Aan de neerlegging zelf zijn geen zeven maanden werk.

Een boekjaar dat meteen bij is — documenten vastgelegd wanneer ze binnenkomen, bankafschriften onderweg tegen die documenten gematcht — maakt van de jaarlijkse neerlegging een formaliteit van één namiddag in februari. Het verandert geen enkele termijn. Het verandert hoeveel werk er tussen u en die termijn staat.

Dit jaar telt er echter maar één getal: 31 augustus. Alles daarna heeft een prijs.

De groep met afsluitdatum 31 december 2025 is in gebreke sinds 1 augustus. Op 1 september begint de Nationale Bank daarvoor aan te rekenen, en de prijs hangt af van het neergelegde model — niet van de groottecategorie van de klant.

Twee data beheersen de jaarrekening van een vennootschap die op 31 december 2025 afsloot, en slechts één ervan wordt geciteerd.

De algemene vergadering moest de jaarrekening goedkeuren binnen zes maanden na afsluiting — 30 juni 2026. De neerlegging bij de Balanscentrale moest volgen binnen dertig dagen na die goedkeuring, en in elk geval uiterlijk zeven maanden na afsluiting: 31 juli 2026. Een dossier dat vandaag nog niet neergelegd is, staat niet op het punt te laat te zijn. Het is al drie weken te laat.

Wat op 1 september verandert, is niet de termijn. Het is de factuur.


De toeslagladder

Art. 3:13 WVV voorziet in een tarieftoeslag op jaarrekeningen die worden neergelegd vanaf de eerste dag van de negende maand na afsluiting van het boekjaar. Voor een boekjaar dat eindigt op 31 december 2025 is dat 1 september 2026. De Nationale Bank int de toeslag samen met het neerleggingstarief, voor rekening van de FOD Financiën.

NeerleggingVerkort of microschemaVolledig schema
Tot en met 31 augustus 2026geengeen
1 – 30 september 2026€ 151€ 504
1 oktober – 31 december 2026€ 227€ 755
Vanaf 1 januari 2027€ 453€ 1.510

De ladder loopt in trappen, niet pro rata. Een dossier dat van 30 september naar 1 oktober schuift, kost € 76 meer in het verkort schema en € 251 meer in het volledige — voor één dag. Die vorm bepaalt de triage: tussen twee trappen kost een week extra niets, en de dag vóór een trap kost alles.

De schijf volgt het model dat u neerlegt

Hier gaan afgeleide samenvattingen de mist in, en het is precies de fout die een klant opmerkt. De twee kolommen zijn het effectief neergelegde model — verkort of micro aan de ene kant, volledig aan de andere.

Een kleine vennootschap die recht heeft op het verkort schema maar toch het volledige neerlegt, omdat de groep zo rapporteert of omdat een bank erom vroeg, betaalt in september € 504 en niet € 151. De groottecategorie bepaalt wat een vennootschap mag neerleggen. De toeslag leest wat ze effectief heeft neergelegd.

Controleer op elk dossier waar het volledige schema vrijwillig werd gekozen eerst het schema, dan pas de kalender: het verschil bedraagt € 353 in september en € 1.057 vanaf januari.

De datum van neerlegging is bepalend

De toeslag hangt vast aan de neerlegging, niet aan de betaling. Een jaarrekening die op 31 augustus 2026 wordt neergelegd, blijft buiten de toeslag, ook als de Nationale Bank het tarief pas in september afhoudt en ook als de verwerking later gebeurt. Een neerlegging vijf minuten na middernacht op 1 september valt eronder.

Voor een kantoor met een stapel openstaande dossiers is dat de hele planning van deze week: alles wat vóór middernacht op 31 augustus goedgekeurd en neergelegd raakt, bespaart tussen € 151 en € 504 per dossier. In het verkort schema en het microschema is die besparing groter dan het volledige neerleggingstarief.

Het tarief zelf: gestructureerd tegenover pdf

Neerleggingstarieven 2026, btw inbegrepen:

ModelGestructureerd (XBRL)PdfVerschil
Micro€ 67,00€ 137,30€ 70,30
Verkort€ 89,40€ 159,50€ 70,10
Volledig€ 379,50€ 449,70€ 70,20

Ongeveer € 70 per dossier, per jaar, voor een keuze van formaat. Over een portefeuille van tachtig klantendossiers is dat ongeveer € 5.600 per jaar, en het is hetzelfde bedrag of het dossier nu in maart of in november vertrekt. Gaat een deel van de portefeuille nog als pdf de deur uit, dan is dat de goedkoopste correctie die in dit beroep beschikbaar is — en anders dan de ladder geldt ze ook voor dossiers die perfect op tijd zijn.

Wat bovenop de rekening van de Nationale Bank komt

De toeslag is een administratief tarief. Het is niet de sanctie, en een klant die betaald heeft, is daarmee niet in orde.

Drie blootstellingen lopen ernaast:

  • Een fiscale boete van € 25 tot € 250 per verstreken maand, afzonderlijk op te leggen voor de laattijdige neerlegging.
  • Bestuurdersaansprakelijkheid. Schade geleden door derden wordt vermoed voort te vloeien uit het ontbreken van de neerlegging; het is de bestuurder die het tegendeel moet bewijzen. Een laattijdige neerlegging is dus geen private aangelegenheid tussen de vennootschap en de NBB.
  • Art. 2:74 WVV. Na drie opeenvolgende boekjaren zonder neergelegde jaarrekening kan de ondernemingsrechtbank de ontbinding van de vennootschap uitspreken op verzoek van elke belanghebbende — een schuldeiser, een concurrent, het openbaar ministerie. Regularisatie van alle openstaande neerleggingen vóór de uitspraak is een volledig verweer.

Die laatste regel keert een prioriteit om die de meeste dossierplanningen verkeerd leggen: bij meerdere achterstallige jaren sluit u eerst het oudste niet-neergelegde boekjaar, want de trigger telt opeenvolgende jaren, geen totalen.

Overmacht

Terugbetaling van de toeslag kan worden gevraagd op grond van overmacht. Het is een verzoek dat op de feiten wordt beoordeeld — ziekte, brand, een gebeurtenis die neerlegging werkelijk onmogelijk maakte — en geen remedie voor een druk seizoen. Documenteer de grond op het moment zelf; een motivering die zes maanden later wordt gereconstrueerd, overtuigt zelden.

De werkopdracht voor deze week

  1. Sorteer de openstaande dossiers op schijf, niet op klantgrootte. Alles wat vóór middernacht op 31 augustus bij de Nationale Bank raakt, betaalt niets extra. Dat is de enige groep met een deadline deze week.
  2. Bepaal per resterend dossier wat de volgende trap kost. Een dossier dat in augustus niet klaar raakt, heeft tot 31 december vóór het van € 227 / € 755 naar € 453 / € 1.510 gaat. De datum die u beschermt is 31 december — niet "zo snel mogelijk", wat geen datum is en oktober niet overleeft.
  3. Bevestig het schema bij elke volledige neerlegging. Was het volledige schema vrijwillig en is het verkorte beschikbaar, dan zakt de toeslag van € 504 naar € 151 en het tarief van € 379,50 naar € 89,40 — nog vóór u het uitgespaarde werk telt.
  4. Ga na of de algemene vergadering effectief gehouden en genotuleerd is. Neerleggen zonder geldige goedkeuring lost het tariefprobleem op en laat het vennootschapsrechtelijke probleem staan. Twee verplichtingen, één ontvangstbewijs.
  5. Haal het oudste niet-neergelegde boekjaar naar voren bij elk dossier met meer dan één jaar achterstand.

Niets in de ladder is discretionair en niets is aan het loket onderhandelbaar. De enige variabele die een kantoor beheerst, is de dag waarop het dossier vertrekt — en daarom is de triagevraag deze week niet "wie is te laat", maar "wie raakt nog neergelegd vóór maandag".

Dokus houdt het boekjaar leesbaar terwijl het nog loopt.

Bekijk hoe het werkt